Voor veel instellingen is flexibel onderwijs inmiddels een realiteit waar de onderwijsorganisatie onvermijdelijk rekening mee moet houden. Het is een onderwijskundige verandering die geïnitieerd is vanuit zowel de arbeidsmarkt als het individu/de lerende (MinOCW, 2016) en impact heeft op alle facetten van de organisatie. Iedereen die op enige wijze betrokken is bij de student, krijgt ermee te maken. Flexibilisering vraagt om andere keuzes, andere rollen en andere vormen van samenwerking. Deze nieuwe uitdagingen zijn niet met reeds bekende werkwijzen op te lossen, ze vragen om een andere, meer wendbare organisatie (Surf, z.d.-a). In dit artikel nemen we de toetsorganisatie onder de loep. We beschrijven een aantal ontwerpprincipes en laten zien hoe de rollen en verantwoordelijkheden verdeeld kunnen worden zodat er ruimte wordt gecreëerd voor leren en opleiden en tegelijkertijd de kwaliteit van toetsing gegarandeerd blijft.