logo-professioneel-begeleidenlogo-professioneel-begeleiden
Filters
  • Alle artikelen

    1|...|136|137|138|...|546

    Teamcoaching: Organisaties kunnen veel leren van apen

    Teams bestaan altijd uit mensen met hun bijbehorende grillige gedragingen, die onhandig op elkaar kunnen reageren. Voor teamleiders en teamleden is het daarom aan te raden om de interpersoonlijke dynamiek op orde te krijgen. En dit lukt veel beter als teams eerst lering hebben getrokken uit het gedrag van apen: mannetjes én vrouwtjes.
    1,95
    lees meer

    Column: Nooit meer wachten…

    Nooit meer wachten… Sociale media: een prachtig fenomeen dat niet meer is weg te denken uit onze samenleving. Er wordt veel over gedacht, veel over gesproken. Niemand is tegen sociale media, echter de wijze van gebruik roept af en toe heftige discussies op. Graag zou ik willen, dat u ophoudt met klagen. Het is fijn als ook u met de tijd mee kunt gaan. We lezen van alles over tegenvallende schoolprestaties van vooral jongens, akelige bangalijsten, en de enorme toename van het aantal verkeersongelukken bij op schermpjes turende fietsers. De schuld van sociale media? Het is fijn wanneer u wilt stoppen om u over deze dingen zorgen te maken. Het hoort nu eenmaal bij deze tijd. U ergert zich aan uw bezoek, dat tijdens de heerlijke maaltijd en het goede gesprek halverwege een zin ophoudt met praten om een zojuist binnengekomen boodschap te beantwoorden. U claxonneert uiterst ongeduldig naar de eigentijdse bestuurder, die voor het verkeerslicht meent nog snel even iets met zijn of haar sociale-media-apparaat te moeten doen, en daardoor een gat laat vallen van tientallen meters… Graag wat meer geduld, dat wil ik van u vragen. We kennen allemaal de collega die ons een vraag stelt, en als we het antwoord willen geven, ondertussen even een berichtje bekijkt. Als u stopt met spreken, kijkt hij wat verbaasd op van het schermpje, met gewoontegetrouw de uitspraak: “Praat maar door, hoor, ik kan wel twee dingen tegelijk …” Multitasking? ‘Time slicing’ zal men bedoelen. Het snel afwisselen van de aandacht. Het is beter wanneer u hierover geen discussie start. U spreekt nog over ‘toewijding’, ‘fatsoen’, ‘oprechte aandacht’ en ‘respectvol’? Alstublieft, pas u aan, u bent wellicht wat ouderwets. Waar ik mij daarentegen zorgen over maak… het fenomeen ‘wachten’ bestaat voor velen van ons niet meer! ‘Wachten’ hoort sinds de vroegste historie bij mens en dier. Het leidt tot een speciale, en helaas steeds zeldzamer wordende, geestestoestand. Het kan leiden tot verveling, het krijgen van een gedachte of idee, het ophalen van een herinnering, het terugdenken aan iets moois of naars. Wachten kan leiden tot bezinning, tot ideeën, tot verwerking. Tot fantaseren en dromen, tot genieten van iets kleins. Voor het eerst in de historie zijn er vele, vele mensen, die nooit meer hoeven te wachten. Het kleinste moment van wachten wordt ogenblikkelijk gevuld, mits we met onze apparaten natuurlijk goed connected zijn. Wat gebeurt er met de complexe menselijke geest wanneer wachten niet meer bestaat? Over een jaar of tien zult u het weten...   Herman Koster is eigenaar/oprichter van Demovides B.V., een bedrijf dat zich richt op het ontwikkelen van serious games voor organisatie-, cultuur- en mensverandering. Daarnaast houdt hij lezingen, en geeft hij workshops voor management. www.demovides.nl
    Gratis
    lees meer

    Mediamap: Leren

    Sociale leertheorie Leren is basaal voor het menselijk bestaan en de sociale leertheorie gaat ervan uit dat leren een fundamenteel sociaal fenomeen is. Leren ligt aan de basis van wie we zijn en worden. Leren is sociaal, omdat onze menselijke natuur sociaal is. Niet alleen omdat we interacteren met anderen of bepaalde moderne methoden/middelen gebruiken. Handige bronnen over Sociaal Leren communities en netwerken op een rij (Engelstalig): wenger-trayner.com Mindset Meer dan 30 jaar heeft Carol Dweck onderzocht waarom sommige mensen hun capaciteiten volledig benutten en anderen niet. Volgens haar is de sleutel niet de capaciteiten of talenten die iemand heeft, maar de manier waarom je naar je talenten kijkt. Het geloof in de ontwikkelbaarheid van je capaciteiten door inspanning en ervaring is een belangrijke voorwaarde voor de ontwikkeling van die capaciteiten. Dweck, C. (2006).  Mindset: The new psychology of success. New York: Random House. Fixed versus growth mindset volgens Carol Dweck, geïnterpreteerd door hbkids (bron: Gelukkig HB, www.gelukkighbkids.nl) Leerstijl Vermunt heeft op basis van uitgebreid onderzoek vier leerstijlen geformuleerd. Iedere leerstijl beschrijft met welke motieven een persoon leert, en hoe het leergedrag van de persoon eruit ziet. Meer weten over leerstijlen en welke leerstijl jouw of je coachees voorkeur heeft? Vul dan deze test in: www-dsz.service.rug.nl Maatschappelijke vragen bij de automatisering van de coachingspraktijk E-coaching kan een krachtig hulpmiddel vormen om mensen te ondersteunen bij het realiseren van een gezonde levensstijl. Maar via sensoren, slimme algoritmen en feedback wordt ook een verregaande inbreuk op autonomie en persoonlijke levenssfeer mogelijk. Hoe meer we weten over fysiologische, cognitieve en emotionele processen, hoe meer vragen dit oproept over de manieren waarop aanbieders, gebruikers en andere partijen deze data kunnen, willen en mogen gebruiken. Deze voorstudie brengt een reeks belangrijke ethische afwegingen en ontwerpkeuzes in kaart:www.rathenau.nl Verveling Hoewel verveling op de werkvloer meestal als een negatieve ervaring wordt geregistreerd, blijkt het probleem ook een aantal positieve implicaties te kunnen hebben. Onder meer zou verveling een stimulans kunnen zijn voor de creativiteit. De mentale afwezigheid geeft immers aanleiding tot dagdromen die tot nieuwe ideeën kunnen leiden. Dat is de conclusie van een onderzoek van wetenschappers aan de University of Central Lancashire. De Brits onderzoekers stelden daarbij vast dat de creativiteit ook toeneemt naarmate de  verveling erger wordt. (bron: medicalxpress.com)   Boeken Presteren met Pavlov Laat mensen een stap extra zetten  Victor Mion & Marius Rietdijk. Amsterdam: Boom/Nelisssen, 2013. ISBN 978 90 244 0225 0 Marius Rietdijk schreef samen met Victor Mion een intrigerend boek over positieve gedragsbeïnvloeding van medewerkers. Hun boek geeft een praktisch antwoord op de vraag hoe leidinggevenden hun medewerkers een stap extra kunnen laten zetten. Het leert managers te coachen door een aantal werelden bij elkaar te brengen: sport, wetenschap en bedrijfsleven. De theorie van Pavlov fungeert daarbij als de ultieme motivatietheorie. Patronen doorbreken Negatieve gevoelens en gewoonten herkennen en veranderen. Hannie van Genderen, Gitta Jacob & Laura Seebauer. Amsterdam: Nieuwezijds, 2013. ISBN 978 90 571 2355 9 Maak je steeds weer dezelfde fouten in het leven, terwijl je je hebt voorgenomen om een volgende keer anders te reageren? Vertoont je gedrag hardnekkige patronen, die je zeer tegen je zin niet eenvoudig kunt doorbreken? In dat geval helpt schematherapie je verder. Schematherapie leert je om de oorsprong van je gedragspatronen te doorgronden, hun invloed op je alledaagse leven te onderzoeken en jezelf zodanig te veranderen dat je je beter gaat voelen en beter voor jezelf kunt zorgen en opkomen. KoersKaart Generaties in dialoog (spel) Aart Bontekoning, Sietse Rauwerdink & Angelique Greiner. Gouda: Koerskaart, 2013. ISBN 871 79 531 0090 0 Voor het eerst zijn er vier generaties tegelijkertijd aan het werk. De samenwerking verloopt echter niet even soepel. Dit dialoogspel op landkaartformaat laat generaties van elkaar leren en dat op drie niveaus: individu, team en organisatie. Elke KoersKaart is ontwikkeld volgens de leercyclus van Kolb: ervaren, reflecteren, conceptualiseren en actief experimenteren. Het coachvak binnenstebuiten Een filosofisch perspectief Ronald Wolbink. Amsterdam: Boom/Nelissen, 2013. ISBN 978 90 244 0190 1 Welke plaats en functie heeft coaching binnen onze cultuur? Waarom is de reflectie over de begrippen en vooronderstellingen van het coachen zo afwezig, terwijl elke coach het belang van reflectie benadrukt? Dit leidt niet tot ‘metareflectie’ waarin het denken over het coachen voorwerp van reflectie wordt. Dit boek beantwoordt deze vragen aan de hand van een kritische analyse van coaching als cultuurfilosofisch thema. Het brengt omschrijvingen van het coachen van invloedrijke auteurs en de bijbehorende kernbegrippen uit de coachingsliteratuur in kaart. Jezelf accepteren Met mindfulness en compassie David Dewulf. Tielt: Lannoo, 2013. ISBN 978 94 014 0692 5 Jezelf accepteren, lijkt dat niet vanzelfsprekend? Helaas. We zijn vaak zo kritisch voor onszelf. We leggen de lat zo hoog, alsof daar boven ‘het geluk’ ligt. We proberen zo goed te zijn dat iedereen ons graag ziet. We verlangen naar onvoorwaardelijke liefde, maar  plaatsen onszelf in een harnas van voorwaarden. De tweede levenshelft Een werkboek voor veertig en verder Adriaan Hoogendijk. Amsterdam/Antwerpen: Business Contact, 2013. ISBN 978 90 470 0350 2 Doorgaan op de oude voet kan vanaf je veertigste niet meer. Er moet ruimte komen voor nieuwe inspiratie, creativiteit en vitaliteit. Maar waar haal je die vandaan? In dit boek helpt Adriaan Hoogendijk je om nieuwe ruimte te scheppen voor het speelse, het argeloze, het oorspronkelijke en het creatieve en zicht te krijgen wat er aan onvermoede talenten en ambities in je schuilt
    Gratis
    lees meer

    Redactioneel: Lichtheid, echtheid en humor

    Waarom moeilijk doen over negatieve emoties, onprettige gevoelens en andere innerlijke hindernissen? Waarom schamen mensen zich ervoor en verzwijgen ze die vaak zorgvuldig? Is het een maatschappelijke plicht om gelukkig te zijn? Zijn we bang om anders niet aantrekkelijk gevonden te worden? Vallen we door de mand of van een voetstuk wanneer we oprecht vertellen wat ons bezighoudt? Wanneer we gehinderd worden door onprettige gevoelens, dan is het juist heerlijk om daarover uit te wisselen met anderen, want dat geeft ontspanning en nieuwe inzichten. Dan kan er humor, lichtheid en nieuwe wijsheid ontstaan. Je deelt met een ander het echte leven. Je bent uit je harnas gestapt. als de ander je zielig vindt, dan is dat zijn probleem. Wanneer er geen innerlijke hindernissen zouden zijn, zou er geen transformatie plaatsvinden en zou er geen nieuwe wijsheid meer op deze wereld geboren kunnen worden. Dankzij innerlijke hindernissen worden we wijzer over onszelf, over het leven en over de wereld. Situaties en gevoelens mogen zwaar worden opgevat, en tegelijk valt ook te leren er luchtig en nieuwsgierig naar te kijken. In mijn praktijk klinkt er soms een lach en valt er soms een traan. Alles mag er zijn. zoveel is gewoon en toch ook heel bijzonder. Er kan plotseling verbazing ontstaan. Er kan plotseling gelachen worden. Humor zonder gevoelens te bagatelliseren. Ieder moment is een nieuwe ruimte. Spelen is zo belangrijk. Speelsheid met Voice Dialogue, met spellen en met theateraspecten. Gevoelens lichamelijk uitdrukken. Niet meer je best hoeven doen. Zullen we onszelf eens van de stoel laten glijden? Enig! Ik doe zelf altijd mee, bijvoorbeeld met de harmonisatiemeditatie: de energie verspreidt zich door het hele lichaam en brengt ons weer terug naar Moeder Aarde. Als coach leer je de cliënt oordeelloos, accepterend en benieuwd te kijken naar wat er feitelijk is. Je leert de cliënt essenties ontdekken in zijn gevoelens wat doorgaans al tot transformatie leidt, waardoor nieuwe ruimte ontstaat voor de innerlijke overvloed en vrijheid om die te etaleren. Coaches leren de cliënt licht brengen in de duisternis rond gevoelens, onduidelijke verbanden en onbekende achtergronden. Door het loslaten van de weerstand om naar innerlijke hindernissen te kijken en deze te accepteren, ontstaat ontspanning en kom je dichter bij jezelf. Weerstand verkrampt en maakt lelijk. acceptatie ontspant en maakt mooi. En gelukkig! Adriaan Hoogendijk werkt als coach, supervisor en opleider tot coach. De onderwerpen ‘bezieling’, ‘de innerlijke genezer in de coach’ en ‘de wijsheid van het lichaam’ vormen belangrijke onderdelen van zijn huidige missie in de branche van coaching. www.hoogendijkcoaching.nl
    Gratis
    lees meer

    Beschouwing: In gesprek met Hans van Breukelen

    Als iemand zich een mission statement voor ogen houdt, dan is het Hans van Breukelen wel. Hij toont een samenhangende visie op management en coaching, niet zozeer gebaseerd op literatuurstudie, zegt hij zelf, maar op een reeks ervaringen waarover hij goed heeft nagedacht en nadenkt. Wat hij vertelt komt niet over als ‘ontleend aan’, maar als zijn eigen verhaal. Dat verhaal siert hij op gezette tijden, zoals een goed leraar betaamt, met voorbeelden. Een gesprek tussen twee dorpsgenoten
    1,95
    lees meer

    Bewustzijn: In wat voor samenleving leven wij?

    Jikke de Ruiter interviewt in deze rubriek filosofen en wetenschappers over hun visie op de samenleving om zo te ontdekken in welke ontwikkelingen wij ons bevinden en hoe coaches daarop aan kunnen sluiten.Bram Moerland studeerde wiskunde en filosofie aan de Universiteit van Leiden. Hij was docent cultuurfilosofie aan de Academie van Beeldende Kunsten in Rotterdam, aan de School voor Journalistiek in Utrecht en aan de Stichting Nederlandse Opleiding Hindoe Geestelijke in Den Haag. Moerland werd vooral geïnspireerd door existentialisten als Kierkegaard, Camus en Sartre. Na de vondst bij Nag Hammadi, van oude teksten uit de begintijd van het christendom, bleek tot zijn verrassing een opmerkelijke overeenkomst tussen het existentialisme en een vroege, verdwenen tak van het christendom, de gnostiek, met name over de thema’s authenticiteit en vervreemding. Over die ontdekking schreef hij enkele boeken, waaronder ‘Schatgraven in Nag Hammadi, een inleiding tot de gnostiek’ en ‘Schatgraven in Thomas, de oorspronkelijke betekenis van het Thomas-evangelie’. In zijn werk legt hij ook verbanden met westerse mystici als Eckhart en Johannes van het Kruis. Op zijn website publiceerde hij ‘Stapstenen voor spirituele groei’, een hedendaagse herinterpretatie van de oude gnostiek’.
    1,95
    lees meer

    Trend: In de kaart spelen

    Peter Gerrickens is trainer, coach en oprichter van Gerrickens Training & Advies. Na zijn studie landbouwtechniek, volgde hij opleidingen tot trainer, coach en psychologisch astroloog. Hij is auteur van een serie van zestien kaartspellen voor coaching, training, management, onderwijs en privé. De spellen hebben tot doel mensen op een speelse manier in gesprek te brengen over onderwerpen waarover ze anders niet zo gemakkelijk praten. De meeste spellen heeft hij ontwikkeld samen met zijn vrouw en zakelijk partner Marijke Verstege. Peter verzorgt trainingen en workshops om managers, docenten, coaches en hulpverleners te leren werken met kaartspellen. Ook coacht hij als astroloog mensen op basis van hun geboortehoroscoop. Verleden De laatste 25 jaar is er steeds meer aandacht voor het persoonlijk functioneren van mensen in hun werk. Dat komt met name door de steeds hogere eisen die aan mensen gesteld worden op dat vlak. Ook in opleidingen wordt steeds meer aandacht besteed aan persoonlijke ontwikkeling. De overtuiging dat je er met inhoudelijke kennis en vaardigheden alleen tegenwoordig niet meer komt, wordt breed ondersteund. De behoefte aan coaching is daardoor ook toegenomen. Daarnaast veranderde het beeld over mensen die gecoacht worden: vroeger werden zij nog gezien als ´zwakkelingen´, maar tegenwoordig getuigt het van ambitie en professionaliteit als je een coach hebt. Deze ontwikkelingen hebben het vak van coach een flinke duw in de rug gegeven. Heden Een belangrijke trend bij coaching is het werken met hulpmiddelen, zoals kaartspellen. Het Kwaliteitenspel (1991) was het eerste spel dat zijn meerwaarde aan coaches toonde. Coaches merken dat ze met behulp van spellen eerder to the point komen in een coachgesprek en dat er meer diepgang en structuur ontstaat. Datgene wat zich in het hoofd van de cliënt afspeelt, komt immers in korte tijd op tafel. Ook cliënten waarderen de inzet van spellen. Ze voelen zich actiever bij het gesprek betrokken en merken dat het op ze manier gemakkelijker is om over lastige onderwerpen te praten; wat vooral geldt voor cliënten die van nature niet zo spraakzaam zijn. Coachtrajecten moeten steeds korter worden. Daarom is het belangrijk dat de coach effectieve en tijdbesparende methoden en hulpmiddelen gebruikt. Toekomst Ik denk dat de trend naar steeds kortere coachtrajecten de komende jaren doorzet. Dat betekent dat er steeds hogere eisen aan coaches gesteld worden. De kunst voor de coach is om die methoden en hulpmiddelen in te zetten, die het beste passen bij de situatie en de vraag van de cliënt. Dat klinkt logisch, maar is niet altijd eenvoudig. Wat ik regelmatig tegenkom bij het geven van trainingen aan coaches, is een soort ´methodische tunnelvisie´: de neiging om een favoriete methode of hulpmiddel te vaak te gebruiken, dus ook in situaties waarin de toepassing van een andere methode of hulpmiddel beter zou zijn. Een relativerende opmerking ten aanzien van het gebruik van hulpmiddelen bij coaching is hierbij wel op zijn plaats: onderzoek wijst uit dat de effectiviteit van coaching in de ogen van de cliënt meer bepaald wordt door de persoon van de coach dan door de methoden die de coach gebruikt. Maar ook dan blijft het belangrijk dat een coach de juiste tools gebruikt. Droom De effectiviteit van coaching kan volgens mij toenemen, wanneer cliënten meer inzicht hebben in hun eigen functioneren en ook beter begrijpen wat er zich tussen mensen afspeelt; praktische psychologie dus. Die trend is al jaren zichtbaar in opleidingen, maar ik zou dat nog willen versterken, bijvoorbeeld door in de bovenbouw van de middelbare school veel meer aandacht hieraan te besteden. Coachtrajecten kunnen dan korter worden én het coachen wordt er volgens mij voor de coaches ook leuker door. Er is dan immers meer psychologische basiskennis bij cliënten aanwezig, zodat het coachen op een hoger niveau kan plaatsvinden. Bijdrage Ik wil graag doorgaan met het verbeteren van coaching door het werken met kaartspellen. Daarnaast wil ik meer gaan doen met de mogelijkheden van ´astro-coaching´: daarbij plaats je de coachvraag in het kader van de geboortehoroscoop van de cliënt. Dat levert vaak een enorme versnelling op in het coachproces, onder meer doordat je als astroloog snel iemands blinde vlekken, pijnpunten én verlangens kunt zien. Astro-coaching (psychologische astrologie) draagt zo bij aan het verkorten van coachtrajecten.
    Gratis
    lees meer

    Bespreking van het boek ‘Identiteit’ van Paul Verhaeghe

    Identiteit, een inleiding Het idee, dat niets maatschappelijker is dan de notie van het hoogstpersoonlijke individu, is verre van nieuw. Al geruime tijd gaan literaten en filosofen van allerlei soort en slag in tegen het denkbeeld van de ‘unieke identiteit’, die ieder van ons zou kenmerken. Zo demonteerde de Canadees Potter enkele jaren geleden in woord en geschrift – en met verve – het begrip ‘authenticiteit’ (Potter, 2010) en is van de Franse wijsgeer Foucault het beeld bekend van de mens als niet meer dan een zanderige afdruk aan de rand van de zee, gedoemd om door wind en getij genadeloos –zonder aanzien des persoons – te worden uitgewist. Volgens Foucault menen de mensen ten onrechte dat zij het heft in handen hebben en zich vrijelijk, ieder op ‘eigen’ persoonlijke wijze, kunnen bedienen van woorden en redeneringen. Nee, het omgekeerde is waar: het zijn juist zij, de mensen, die worden ingevoegd in de vigerende vertogen, om zo de contouren van menselijk ‘subject’ aan te nemen (Vgl. Foucault, 1982).  En ruim dertig jaar geleden tekende wijsgeer en andragoloog Nijk op dat wij, getuige de taal die ook toen al opsteeg uit de talloze zelfrealisatieik workshops en persoonlijke groeiboerderijen, kennelijk bestaan uit vele ‘zelven’ die elkaar veronderstellen – een actief zelf, een reflexief zelf, en een dieptezelf, om de andere zelven aan te toetsen – maar dat ‘er geen enkele reden (is) om aan te nemen dat een van deze vele zelven – hoe we ze verder ook in kaart zouden willen brengen – een speciaal privilege zou hebben in de zin van ‘echt’ te zijn, ‘natuurlijk’, of ‘transcendent’, niet ‘tijd- en cultuurgebonden’, niet ‘maatschappelijk bepaald’. Er is in de mensen geen stukje zelf te vinden, dat niet het stempel draagt van de omstandigheden waaronder het zijn vorm vond…’ (Nijk, 1979).  Het zal daarom geen opzien baren dat ook de Gentse Hoogleraar Klinische Psychologie Paul Verhaeghe, tevens praktiserend psychoanalyticus, in zijn boek ‘Identiteit’ uitgaat van de gedachte dat er ‘geen wezenlijke identiteit bestaat, maar dat deze grotendeels afhangt van onze omgeving’. Integendeel, met dit denkbeeld plaatst hij zich keurig in een eerbiedwaardige wijsgerige en cultuurkritische traditie. Een traditie die al geruime tijd de bescheiden onderstroom vormt van het luidruchtige vooruitgangsgeschal. En is kritiek niet nodig en gewenst? Wat te denken van – ik noem een paar dwarsstraten – de ‘intensieve menshouderij’ en het grotendeels overbodige managementwezen? Of van het ijdele gezwatel over persoonlijke groei, of van het ‘aanboren en volgen van je passie’? Of van de narcistische opvatting dat je recht hebt op geluk... en wel meteen? Geen wonder dat bij elke tegenslag een schuldige gevonden dient te worden. Bij voorkeur een of andere overheid met zelfs in tijden van bezuinigingen genoeg geld in kas voor een forse schadevergoeding, waarvan dan een zalvende therapie – of liever nog een blik pillen – betaald kan worden om het gekwetste ego mee op te poetsen. Persoonlijke identiteit in een neoliberale markteconomie Je kunt niet over een stoeptegel struikelen of je doet wel een ‘trauma’ op. Waar anderen dan natuurlijk de oorzaak van zijn en de volle verantwoording voor dienen te dragen. Want aan jouw voortreffelijke zelf kan het niet liggen. Erger vergaat het je als je ‘wegens functionele overtolligheid’ ontslagen wordt (“Functioneel... ik?, Overtollig... ik? Onbestaanbaar!”) of op kantoor wordt uitgekafferd door andere opgeblazen ego’s, dan wel door je leidinggevende op je (uiteraard veel te kleine, dat spreekt) plaats wordt gezet. De zielenpijn is dan helemaal niet meer te harden. De dringende vraag is hoe het komt dat zo veel mensen zo voelen, zo denken en zo doen. En er zijn meer vragen. Hoe komt het bijvoorbeeld dat zo veel mensen allerlei psychisch ongemak vertonen? Waarom lijden steeds meer mensen aan depressies? En waar komt toch die stortvloed vandaan van lijders aan ADHD, ASS, ODD en wat niet al? En dat in een tijd waarin we, zo stellen geluksprofessoren per enquête keer op keer vast, ons naar eigen zeggen gelukkiger voelen dan ooit tevoren. Maar wel steeds somberder zijn over de maatschappij daarbuiten.  In het spoor van de Groningse hoogleraar Dehue, die op zowel empirische als statistische gronden een ware uitbarsting van depressies vaststelt en zich afvraagt wat daar achter kan zitten (Dehue, 2010), stelt ook Verhaeghe zich de vraag naar de mogelijke samenhang tussen maatschappelijke ontwikkelingen en de wijze waarop we onszelf opvatten en beleven. Wat hebben wij met ons laten doen, wat is er met ons gebeurd? Wie zijn wij eigenlijk? Met andere woorden: wat is onze identiteit en waar hangt die allemaal van af en mee samen?  In acht goed gecomponeerde, zeer leesbare hoofdstukken gaat Verhaeghe op deze vragen in. Veel wetenswaardigs passeert de revue. Zo werkt hij aan de hand van Freud en vooral Lacan uit door welke psychische krachten mensen worden bewogen, of zelfs soms uit elkaar gescheurd. Kort samengevat komt het hier op neer: mensen vertonen twee verschillende gedragstendenties die met elkaar op spanning staan: altruïsme en solidariteit enerzijds. Egoïsme en individualiteit anderzijds. Het is dan vervolgens de omgeving – zowel de kleine kring van gezin, buurt en school als het wijdere bereik van bedrijf, organisatie en maatschappij – die in hoge mate bepaalt welke van deze twee tendenties de overhand krijgt en zo doordringt tot in de identiteitsvorming van het individu. De samenleving verandert en daarmee ook de identiteit van mensen. Met kracht van argumenten voert Verhaeghe de neoliberale markteconomie op als de belangrijkste oorzaak van de teloorgang van sociale cohesie en de toenemende onherbergzaamheid. Overal hangen camera’s en toch voelen mensen zich nog onveilig, mede wellicht omdat ze zich zo wel bekeken maar niet gezien weten. Met sprekende, zeer herkenbare voorbeelden uit het onderwijs (de universiteit als kennisbedrijf) en gezondheidszorg (het ziekenhuis als zorgbedrijf) maakt Verhaeghe aannemelijk hoe nu al jarenlang alle aspecten van het leven worden onderworpen aan marktwerking; zowel ideologisch als praktisch. Het gevolg is dat primaire relaties onder hoge druk zijn komen te staan en eerder dan vroeger uiteenspatten. Maatschappelijk fragmentatie is een volgende consequentie, net als een wel zeer hedendaagse vorm van slavernij: die van succes als enige maatstaf voor persoonlijke groei. Je ‘mag’ niet alleen maar groeien, nee je ‘moet’. Je mag niet alleen ‘in balans zijn’ en ‘congruent met jezelf’, nee je moet. Succes – in je werk, waar anders? – hangt uitsluitend af van jouw kwaliteiten als ‘manager van je hoogsteigen levensonderneming’ en is daarmee een puur individuele prestatie geworden. Maar dat geldt dan ook voor falen. Als je het niet haalt, ligt dat niet aan omstandigheden.Die doen er helemaal niet toe. Al evenmin valt het aan anderen te wijten (“Ja kom zeg, dat zijn je concurrenten, die had je moeten overvleugelen. Nee, als je faalt ligt het alleen aan jou. Helemaal. Loser!”). De heersende marktideologie, betoogt Verhaeghe, speelt zó eenzijdig en indringend in op egoïsme en individualiteit, dat altruïsme en solidariteit in het gedrang komen. En daarmee optermijn ook de instellingen en instituties van onze samenleving als geheel. Zoals gezegd: de gevolgen zijn ernstig, zeker op psychisch vlak. Het besef gefaald te hebben en dus niets waard te zijn is dermate onverdraaglijk, dat veel mensen vluchten in (psychische) aandoeningen: ze ontwikkelen een burn-out of een depressie. Zo vinden zij verlichting voor het kwellende schuldgevoel tekort te zijn geschoten. “Ik kon er toch immers niets aan doen? Ik ben nu eenmaal depressief, dat zei de dokter zelf, het ligt aan mijn genen.” Beoordeling Met zijn cultuurkritische benadering staat Verhaeghe bepaald niet alleen. De ‘neoliberale marktsamenleving’ ligt al langer onder vuur. Zo richten zulke onderling verschillende politieke filosofen als Achterhuis, Gray, Sandel of Zizek en economen als vader en zoon Sidelsky of de Tsjech Sedlášek, hun spitse pijlen op de in hun ogen gevaarlijke koers die onze samenleving is ingeslagen. Ook hulpverleners voegen zich inmiddels bij dit koor, zoals zeer onlangs de Vlaamse psychiater Dirk De Wachter (2013). Maar Verhaeghe heeft zijn eigen stem. Hij schrijft prettig en duidelijk, ook als het om ingewikkelde materie gaat. Zelden heb ik een betere uitleg van het denken van Lacan onder ogen gehad dan in dit boek. En wat Verhaeghe in de loop van zijn streng samenhangende betoog ook verder moge aanroeren, altijd zorgt hij voor een stevige onderbouwing. Zijn psychologische uitgangspunt, de twee tegengestelde gedragstendenties die alle mensen gemeen hebben, is zowel verfrissend in zijn eenvoud als gewaagd. Gewaagd vooral omdat het in zekere zin een rehabilitatie van Freud inhoudt. Had die Weense charlatan dan niet al lang afgedaan? We zijn toch ons brein? Nou nee, het blijkt echt een stuk ingewikkelder in elkaar te steken. Enfin, leest u vooral zelf maar. Wat is nu de slotsom? Gaan we met Verhaeghe terug naar de tijd waarin alles wat scheef liep de schuld was van het kapitaal? Schreef hij niet meer dan een meeslepend pamflet, zoals sommige andere recensenten lijken te suggereren? Ik denk van niet. Pamfletten zijn doorgaans aanmerkelijk saaier en drammeriger. Een voorbeeld: in het begin van de vorige eeuw gaf ene dokter Van Dieren, een querulanteske betweter van zeldzaam formaat, in eigen beheer een stroom geschriften van zich af. Hierin ging hij in ellenlange betogen – zogenaamd op medische gronden – tekeer tegen ‘het walgelijk naaktvertoon’ door zwemmende meisjes, of tegen de ‘kwalijke uitwassen van het voetbalspel’, beoefend (ook dat nog) in veel te korte broeken! Hoe levensgevaarlijk, hoe dodelijk zondig om zo de Heere verzoeken, hoe verziekend voor de jeugd! Zo jong nog en al zo verdorven! Tallozen zou hij hebben zien sterven aan kinkhoest en vliegende tering, hete tranen wenend van vergeefse spijt! Te laat! Hadden zij maar naar hem geluisterd. Enzovoort. Kijk, dát noem ik nu pamfletten. Nee, het boek van Verhaeghe is voor zo’n kwalificatie te goed gedocumenteerd, te zorgvuldig van opzet en uitwerking en – in weerwil van sommige kritieken – bepaald ook te genuanceerd. Je kunt toch Verhaeghe moeilijk van eenzijdigheid betichten als hij als psycholoog en therapeut nu eindelijk ook eens aandacht vraagt voor de maatschappelijke dimensie van ziekteverschijnselen die tegenwoordig veel voorkomen? Is er dan geen kritiek mogelijk? Zeker wel. Verhaeghe wekt de indruk dat de neoliberale ideologie zo dwingend en overheersend is en zo diep in de vezels van mens en maatschappij is doorgedrongen, dat ontsnapping onmogelijk lijkt. Maar hoe is dan zijn boek te verklaren, of het werk van tal van andere critici van de huidige gang van zaken? Die komen toch ook voort uit deze samenleving? Met andere woorden: ik denk dat Verhaeghe ons terecht waarschuwt, maar dat hij zijn vermaningen wel te zwaar aanzet. Al te somber moeten we niet willen wezen. Er is werk aan de winkel, potjandorie! En daar kunnen we maar beter welgemoed aan beginnen. Relevantie voor coaches Is dit boek van belang voor coaches? Ik denk van wel en zou het iedere coach willen voorschrijven. In de eerste plaats omdat ook wij goed moeten nadenken over onze bijdrage aan de samenleving. Wat voegen wij toe aan, of doen wij af van het heersende klimaat van onafgebroken veranderen, verplicht succes, personal branding en ‘machteloze maakbaarheid?’ Op een recente bijeenkomst voor coaches en HRD-managers hield organisatieprofessor Mathieu Weggeman de aanwezigen – en vooral de coaches – de volgende hamvraag voor: “Volgens je opdracht help je mensen beter te functioneren in vaak zieke organisaties. Waar kies je dan voor? De organisatie of de persoon?” (Weggeman, 2013). Voor een antwoord op die vraag zou ik zo denken dat Verhaeghe ons met zijn boek van een buitengewoon nuttige studiehulp heeft voorzien. In de tweede plaats lijkt het mij ‘gewoon’ goed om eens iets anders te lezen dan die eindeloze methodiekgeschriften. Is de wereld om ons heen niet veel groter dan het bekrompen tuintje waarin wij (de blik reflectief naar binnen gericht) braaf onze bekende rondjes lopen? Ergo: lees ‘Identiteit’ van Paul Verhaeghe, verheug u of maak u kwaad en ga vooral met hem en met elkaar in discussie. De vraag is: waar staan wij voor? ■ Sijtze de Roos is Vice President van ANSE en redactielid van het Tijdschrift voor Coaching.
    Gratis
    lees meer

    Dilemma: Houd je als coach slechte organisaties in stand?

    Bij de eerste MasterTour Coaching sprak Mathieu Weggeman. Hij zei onder andere dat je je als coach moet afvragen of jouw coachen bijdraagt aan het in stand houden van een slechte organisatie. Een opmerking die reuring veroorzaakte in de zaal. Slechte organisatie Mathieu Weggeman kent wat ons betreft ‘de coach’ te veel eer en ook te veel verantwoordelijkheid toe. Als je iemand binnen een ‘slechte’ organisatie coacht, dan ben je bezig met het persoonlijk functioneren van die persoon en neem je niet de hele organisatie voor je rekening. Het gaat om de persoonlijke leervragen van de coachee of van het team dat je coacht, natuurlijk in relatie tot de werkcontext, maar als coach kun je de inrichting van de organisatie of het werk niet beïnvloeden. Dat is typisch het werk van een organisatieadviseur. Overigens vroegen we ons ook af, wat een slechte  organisatie is. Bestaat die? Dat lijkt ons niet, net zomin als er slechte mensen bestaan. Je kunt wel spreken over een ongewenste cultuur en onwenselijk gedrag. Dan kun je wel stellen dat door te coachen binnen een ‘slechte’ organisatie je juist een steentje bijdraagt aan het beter worden van die organisatie. Effect Je coachee werkt in het systeem en binnen de cultuur van de organisatie. In feite heb je als coach door je coachee invloed op die organisatie. Dan heeft het wel zin om je af te vragen, wat het effect is van je coaching en je eigen opvattingen op je ik –ander coachee. Een van de belangrijke effecten van een (goed) coachingstraject is het in beweging brengen van mensen. De coachee neemt zijn opvattingen, meningen en aannames weer eens onder de loep en kijkt kritisch naar zijn vaste patronen en wat deze opleveren. Dat heeft zelden tot gevolg dat de coachee tot de conclusie komt dat hij helemaal tevreden is met hoe het nu gaat. Wanneer de uitkomst van een coachingstraject is dat alles bij het oude blijft, dan kun je je afvragen of de juiste coach op de juiste plek is ingezet. Wij zijn ervan overtuigd dat wij als coaches mooie dingen doen die het reilen en zeilen binnen organisaties weliswaar beïnvloeden, maar dat is een neveneffect en niet het hoofddoel.  Zoals Mathieu Weggeman het stelt, voelt het als een toegeschoven verantwoordelijkheid die wij niet ervaren en waarvan wij vinden dat die niet bij coaches thuishoort. Dat is de vraag  Stel dat de leervraag is: ‘Ik wil stijgen op de carrièreladder. Het topmanagement in ons bedrijf bestaat uit witte mannen met een universitaire opleiding. Zij hebben niets op met vrouwen (allochtonen, gelovigen, vul maar in…) en zijn zelfs ronduit vrouwonvriendelijk. Die houding vind je in de hele organisatie terug. Ik wil tot die top behoren, maar moet dan leren om me vrouwonvriendelijk te gedragen. Dat vind ik lastig, want voor mij zijn alle mensen gelijk.’ Wat doe je als coach? Voldoen aan de leervraag of de opdracht weigeren? Daarmee help je een vrouwonvriendelijke (of diversiteitonvriendelijke)  cultuur in de organisatie in stand te houden. Daar hoef je je niets van aan te trekken, het is niet jouw verantwoordelijkheid als coach. Maar wat doe je als je overtuigd bent van de kracht van feminiene eigenschappen voor iedere organisatie? Alleen al door dat uit te spreken, beïnvloed je je coachee en dus de organisatie. Je kunt ook proberen de coachvraag te veranderen. Bijvoorbeeld naar: Hoe bereik ik de top zonder vrouwonvriendelijk gedrag te vertonen?  Hoe beïnvloed ik het topmanagement, zodat ik met mijn kwaliteiten ook tot die top kan behoren? Hoe beïnvloed ik de cultuur in de organisatie, zodat die meer bij mij past? In feite zeg je dan impliciet dat je de gang van zaken binnen de organisatie niet acceptabel vindt. En ook dan beïnvloed je de organisatie via het ontwikkelproces van je coachee. Hoe denken andere coaches hierover?  lnkd.in Francine ten Hoedt en Philine Spruijt zijn de oprichters van de CoachingCarrousel, auteurs van ‘33 Daverende Dilemma’s voor Coaches’ en ontwikkelaars van de ‘Veertig Vileine Vragen voor ‘Veertig Vileine Vragen voor…’ reeks. In deze rubriek formuleren ze een dilemma en belichten de vraag vanuit verschillende invalshoeken, zonder het overigens altijd eens te zijn met die invalshoeken. www.coachingcarrousel.com
    Gratis
    lees meer

    Uit de boekenkast: Psychotherapie door beeld- en begripsvorming. Prof. Dr. R Lubbers

    Mijn vader was psychotherapeut en als hoogleraar verbonden aan de Universiteit van Utrecht. Ik heb zijn boekenkast geërfd, met daarin werk van veel beroemde en beruchte psychologische en filosofische denkers. Als ik de omslagen bekijk vraag ik me af wat wij coaches kunnen leren van deze grote denkers. Voor deze artikelenreeks pak ik elke keer een ander boek uit de kast om antwoord te vinden op deze onderzoeksvraag. Ik nodig je graag uit om deel te nemen aan deze speurtocht, in dialoog met onze traditie. Voor deze thema-uitgave over spel heb ik gekozen voor ’Psychotherapie door beeld- en begripsvorming’, een boek geschreven door mijn vader. Hij was therapeut en werkte via beeldcommunicatie. Eerst alleen met kinderen door spel en later ook met volwassenen via verhaal, beeld en dromen. Dat werd een bijzonder leesavontuur, waarbij herinneringen terugkwamen aan een tijd waarin ik als kind soms mee mocht naar zijn werk en in de prachtige speelkamer mocht spelen.
    1,95
    lees meer

    Schrijf je in voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte!

    Op weg naar ruimte en vrijheid

    Crisis als aanleiding om inzicht te vergroten in (je) identiteitswerk

    Datum:
    Locatie:

    Download gratis deze white paper