logo-professioneel-begeleidenlogo-professioneel-begeleiden
Filters
  • Alle artikelen

    «1|2|3

    Onderzoek ( volledige uitgave, 8 artikelen)

    Inhoudsopgave KENNIS EN KUNDE Ambachtsmens of onderzoeker? Academische en onderzoekscompetenties bij professioneel begeleiders Liesbeth Kool Actieonderzoek: onmisbare interventie voor begeleiden op organisatieniveau Christa van Luijk en Martijn Jansen Rijker supervisorschap door fenomenologisch onderzoek Marie-José Geenen Non-verbal synchrony in coaching: the pinnacle of emotion regulation So, what? Tünde Erdös COLUMN Weg met onderzoek! Chris Aalberts PRAKTIJK EN PROFESSIE Pendelen als vorm van werken Gertjan Schuiling ‘Elke begeleidingskundige handelt vanuit zijn biografie’ Over onderzoeken als slenteren Kees Faber Eigen supervisorisch handelen onder de loep Judith Dingemans Redactioneel   Onderzoek doe je als professionele begeleider altijd wel. Je bent nu eenmaal ‘reflective practitioner’, steeds met de klant op zoek naar hoe je verder kunt gaan. Dat vergt een reflectieve houding terwijl je begeleidt, maar vraagt ook reflectie achteraf op momenten van handelingsverlegenheid. Toch kun je die reflectie ook gerichter aanpakken: door er systematisch onderzoek naar te doen. Daar gaat dit themanummer over. Het kwam in samenwerking met de Commissie Vakontwikkeling van LVSC tot stand. Het belang van dergelijk onderzoek is dat je niet alleen deze specifieke klant beter van dienst kunt zijn, maar er mogelijk ook je eigen handelingsrepertoire mee vergroot. Marie-José Geenen beschrijft hoe dat in veel supervisieopleidingen gebeurt, middels fenomenologisch onderzoek naar de eigen geleefde ervaring. Judith Dingemans laat zien hoe zij supervisanten betrekt bij de systematische reflectie op de kwaliteit van haar handelen. Gertjan Schuiling beschrijft hoe je dergelijk reflectief onderzoek kunt vormgeven. Hij benadrukt – volgens ons terecht – dat onderzoek ook het handelingsrepertoire van de beroepsgroep een impuls kan geven. Onderzoek kan, behalve gericht op de eigen praktijk, ook onderdeel worden van je begeleiding van het klantsysteem. Redactielid Kees Faber tekent uit de mond van Ferry Wilting op hoe deze handelingsonderzoek heeft verricht binnen de kunstacademie in Groningen. Het klantsysteem ook zélf onderzoek laten doen als onderdeel van de begeleiding gaat weer een stapje verder. Christa van Luijk en Martijn Jansen beschrijven hoe zij actieonderzoek als interventie hebben ingezet binnen een welzijnsinsteling. Je kunt de praktijk van professioneel begeleiden niet alleen kwalitatief, maar ook kwantitatief onderzoeken. Tünde Erdös geeft een doorkijkje naar hoe zij dat aanpakt in haar (Engelstalige) promotieonderzoek naar ‘coach presence’. Hierbij gaat het om gedegen wetenschappelijk onderzoek, waarbij de vraag kan rijzen hoe bruikbaar de uitkomsten zijn in de praktijk. In deze (bekende) spanning tussen ‘rigor’ en ‘relevance’ kiest Chris Aalberts blijkens zijn column voor praktische bruikbaarheid, Liesbeth Kool pleit er juist voor om onderzoek (en academisch denken) meer onderdeel te laten worden van het repertoire van de professioneel begeleider. Graag gaan we binnen de beroepsgroep in gesprek over onderzoeken en begeleiden. Daartoe organiseren we een meet-upbijeenkomst met de auteurs van dit themanummer. Deze vindt plaats op dinsdag 5 november a.s. te Utrecht. Zien we je daar?  Fer van den Boomen en Maartje de Vries
    lees meer

    Veiligheid ( volledige uitgave, 10 artikelen)

    lees meer

    Thema: Verhalen, maart 2019

    Inhoudsopgave: KENNIS EN KUNDE Werken met verhalen in organisaties De trainer als troubadour COLUMN Show, don’t tell ONTMOETING In gesprek met Michaël Derkse De Weg (aflevering PRAKTIJK EN PROFESSIE Werken met het DialoogLab Zeven sleutels naar het verhaal Verhalen in supervisie GELEZEN Perfect imperfect Het zetten van ‘kraken   Redactioneel Verhalen horen bij het leven van de mens. Vroeger waren er verhalenvertellers die hun verhalen als verteller of troubadour ten gehore brachten en zo van stad naar stad reisden. De ‘orale overlevering’ was anoudsher bedoeld om verhalen van generatie op generatie over te brengen in een overwegend analfabetische  samenleving. Tegenwoordig kunnen we misschien meer spreken van een digitale traditie die de orale overlevering voedt. Verhalen zijn op afroep, via diverse kanalen en in diverse kleuren, beschikbaar. Hierdoor worden we beïnvloed en beïnvloeden we ook weer anderen. In de praktijk van begeleiding hebben verhalen eveneens een plek. We werken met het verhaal van de cliënt, waarbij we ook onze eigen verhalen inbrengen. Daarom leek het ons als redactie een mooi en belangrijk thema. We belichten dit vanuit diverse perspectieven. In het hoofdartikel ‘Een veelheid aan verhalen: rijkdom of rumoer’ richten Martijn van Ooijen, Saskia Tjepkema en Koen Weber zich op het werken met verhalen in de begeleiding van organisaties. Zij geven ook handreikingen om narratieve technieken toe te passen. Marcel van de Pol neemt ons mee in het werken met het DialoogLab, waarbij hij een aantal fasen doorloopt om een verhaal vanuit verschillende perspectieven te zien en beleven, waardoor nieuwe gezichtspunten ontstaan. In ‘De trainer als troubadour’ beschrijft Michiel de Ronde de rol van de trainer in het licht van de orale traditie. Joke Goudswaard belicht zeven sleutels om de ‘verhaalruimte’ te openen, waarbij zij een inkijk biedt in haar manier van narratief werken bij begeleiding. Mila Volf belicht inspirerend hoe verhalen ook een plek in supervisie kunnen hebben. Voor de rubriek Ontmoeting praatten we dit keer met Michaël Derkse, grondlegger van de Pulsar Visie. Op indringende wijze maken we kennis met zijn verhaal en ideeën over de rol van verhalen in begeleiding. Shirine Moerkerken en Barbara van der Steen recenseren op een reflectieve en persoonlijke manier elkaars boeken ‘Perfect imperfect’ en ‘Hoe ik verander’. We complementeren dit nummer met een scherpe column van An Kramer en een mooie bijdrage aan De Weg van Marianne Banning-Mul. Bij mijn debuut als coördinator van een themanummer kan ik zeggen dat ik trots ben op het resultaat. Ik realiseer me des te meer dat ik mij met alle ervaringsverhalen van anderen een beeld kon vormen van wat ik onderweg zou kunnen tegenkomen. En ik realiseer me, door alle mooie artikelen, dat het aanreiken van (ervarings)verhalen ook een belangrijke rol van de coach is bij begeleidingsvraagstukken.   Tijn Ponjee
    lees meer

    Wijsheid ( volledige uitgave, 9 artikelen)

    lees meer

    Macht ( volledige uitgave, 10 artikelen)

    lees meer

    Begeleiden vanuit het geheel (volledige uitgave, 9 artikelen)

    lees meer

    De staat van supervisie (volledige uitgave, 10 artikelen)

    lees meer

    Goodbye and hello

    ‘De Socrateswisselbeker wordt ieder jaar uitgereikt aan de auteur van het meest urgente, oorspronkelijke en prikkelende Nederlandstalige filosofieboek dat in het voorgaande jaar – in dit geval dus 2017 – verscheen.’ Zo staat het op de website van de Stichting Maand van de Filosofie. Over een paar dagen, tijdens de Nacht van de Filosofie van 7 april in Nijmegen, wordt bekend gemaakt wie er met de eeuwige roem mag gaan strijken: Lieve Goorden (De sprong in de techniek), Kees Vuyk (Oude en nieuwe ongelijkheid), Ignaas Devisch (Het empathisch teveel), Ger Groot (De geest uit de fles) of René ten Bos (Dwalen in het antropoceen). Voor de uitreiking van vorig jaar bracht iFilosofie een speciaal nummer waarin we alle vijf de kandidaten op een rijtje zetten. Dit jaar doen we het anders. We hebben ons namelijk afgevraagd wat wij het meest urgente vraagstuk van het moment vinden. Volgens ons is dat het ongemakkelijke ontwaken uit het moderne bewustzijn, waarin de mens zichzelf centraal stelde, in het ‘antropoceen’, een realiteit die veel warriger en weerbarstiger is dan de droom van onze autonomie ooit heeft doen vermoeden. De twee auteurs die dat onderwerp even oorspronkelijk als prikkelend aansnijden zijn Ger Groot en René ten Bos. Zij horen bij elkaar, al is het omdat ze de zaak vanuit zijn twee tegenoverstelde uitersten belichten. Zo laat Groot zijn blik bepalen door de geschiedenis van de moderniteit, wat maakt dat hij, als ware het een tragedie, toewerkt naar het moment dat de moderne mens zich zijn eigen einde verklaart. Ten Bos daarentegen laat zijn lezer opnieuw beginnen, opdat die zich openstelt voor een toekomst die ons geen voorspelbare herhaling van het verleden zal brengen. Wie moet winnen? Dat laten we graag aan uw verbeelding over. De verbeelding is in deze Maand van de Filosofie immers aan de macht! Wij geven dus geen stemadvies, met de twee eerder verschenen besprekingen die wij u voorschotelen zijn we immers al sturend genoeg, toch? Als toegift besteden we ook aandacht aan de Hypatia-prijs voor het meest prikkelende en actuele filosofieboek van 2016 en ’17 geschreven door een vrouw. Dat doen we met de eerder verschenen bespreking van De strijd van het kleine meisje van Sanne van Driel. Namens allen die iFilosofie van einde tot nieuw begin maken wens ik u een heerlijke Maand van de Filosofie toe. Mark Leegsma, hoofdredacteur
    Gratis
    lees meer

    Cultuurpolitiek

    In De jaren zestig schrijft cultuurhistoricus Geert Buelens dat er ‘geen andere naoorlogse periode zo tot de verbeelding blijft spreken’ als de decade waar zijn boek over gaat. ‘Geen ander decennium uit het verleden [...] bepaalt zo het politieke en culturele leven en handelen van vandaag.’ Dat Buelens politiek en cultuur in één adem kan noemen, is dat niet precies wat vóór de jaren zestig ongehoord was en wat daarná zo vanzelfsprekend is geworden dat we er amper nog de historische bijzonderheid van opmerken? Niet zo heel lang geleden was het wel anders. Denk maar aan het dogma van de marxistische politieke filosofie over ‘bovenbouw’ en ‘vals bewustzijn’. Cultuur? Dat was wierook en spiegels waar echte politiek doorheen moest weten te kijken. Juist het marxisme viel in de jaren zestig van het voetstuk waar het zowel in Oost als in West door progressieve intellectuelen opgehesen was. Dankzij de leus ‘verbeelding aan de macht!’ symboliseerden de studentenopstanden van Mei ’68 het treffendst dat politiek cultureel werd en cultuur politiek. Sindsdien is het niet macht óf verbeelding, maar macht én verbeelding. Een halve eeuw later had Femke Halsema haar Essay van de Maand van de Filosofie dus geen toepasselijker titel mee kunnen geven: Macht en verbeelding. Het is van een wrange ironie dat ‘cultuurpolitiek’, die vreemde hybride die uit de progressieve geest van de jaren zestig werd geboren, vandaag het stokpaardje van conservatief ‘nieuwrechts’ is. Enkele nummers geleden legde Carlo Strenger die paradox ook al bloot. Halsema, zelf een overtuigd erfgenaam van de sixties, heeft het er maar wat moeilijk mee. In het Essay doet zij een oproep aan ieder die zich progressief en intellectueel – natuurlijk die twee samen – noemt om de erfenis van links uit de klauwen van rechts te redden. Maar kan dat de tragedie verhullen die zich hier lijkt te voltrekken? Die van de progressieve politica die erachter komt dat conservatieve bad guys de ‘druiven der gramschap’ zijn van de cultuurpolitiek die uiteindelijk ook de hare is? Gelukkig steekt Halsema zichzelf de ogen niet uit. Toch is deze tragedie een teken aan de wand: een ‘kritiek van de cultuurpolitieke rede’ kan niet langer op zich laten wachten. Wil er politiek – en wie weet ook cultureel – enige vooruitgang worden geboekt, dan moeten we de vraag waar de jaren zestig het antwoord ‘cultuurpolitiek’ op gaven opgraven, afstoffen en tegen het licht houden. Want als we er niet meer aan ontkomen vast te stellen dat er iets aan het antwoord niet deugt, moeten we dan niet uitzoeken of wat er niet aan deugt de vraag zelf is? Namens allen die macht en verbeelding wederom tot een nieuw nummer van iFilosofie hebben laten versmelten wens ik u een cultuurpolitieke Maand van de Filosofie toe.
    Gratis
    lees meer

    Schrijf je in voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte!

    Congres Positieve Psychologie

    Thema: Dynamiek in Relaties

    Datum: 29 november 2019
    Locatie: De Reehorst, Ede

    Informatie & aanmelden »